• Decrease font size
  • Default font size
  • Increase font size
  • default color

16 okober tot 10 november 2010

Zaterdag 16 oktober Tanjung Balai

Met een schrik worden we wakker, we hebben ons verslapen, maar als een gesmeerde machine werken we al onze bezigheden af, zelfs zo snel dat we nog eerder dan gepland klaar staan voor vertrek. Nog even “lozen” en dan rijden we onze Tierelier voor een paar maanden de stalling in. We willen een taxi nemen maar er stopt een auto met een aardig echtpaar en die brengt ons naar de haven, op 100 meter afstand waar we vanmorgen vertrokken zijn.

We komen er om half 10 aan en de boot zou om 11 uur vertrekken, we horen meteen dat het wel 12 uur wordt, er zit niets anders op dan geduldig te wachten. Het wordt 12 uur maar er gebeurd niks, we gaan maar weer eens vragen hoe het nu zit. Er is wat vertraging en het kan nog wel een uur duren krijgen we te horen. Eindelijk is er dan het verlossende woord, we mogen inchecken. Wij als enige buitenlanders worden uit de rij gehaald en worden langs rijen wachtende mensen geloosd, voordat we het weten staan we voor het douaneloket, waar we ook al voorrang krijgen. Natuurlijk voelen wij ons daar erg ongemakkelijk bij, maar je kan moeilijk weigeren, trouwens iedereen vindt het heel gewoon, niemand klaagt of kijkt ons boos aan, nee je ziet alleen maar lachende gezichten. Het boarden duurt erg lang, het is al half 3 voor we daadwerkelijk de haven uitvaren. Na een goede vaart komen we om 8 uur aan in de haven van Tanjung Balai, de douane komt aan boord en handelt alles snel en efficiënt af. Behalve voor ons, wij moeten weer plaatsnemen en wil ons een paar vragen stellen, als iedereen eindelijk van de boot is, blijkt hij alleen maar nieuwsgierig te zijn. Hij snapt er niks van dat we met de boot zijn gekomen en niet met het vliegtuig, zoals elke toerist doet, nadat we geantwoord hebben dat we dit gewoon leuk vinden, mogen we na het beantwoorden van nog een stel vragen eindelijk van boord. Bij de terminal worden we weer staande gehouden, we moeten nog een douaneverklaring hebben, maar die hebben we niet, de grote baas wordt erbij gehaald en die laat ons zonder verdere uitleg door. Eenmaal buiten worden we belaagd door wel 10 tuk-tuk drivers, iedereen wil ons wel als klant, ze trekken en duwen, proberen onze tassen op te tillen in de hoop dat we hem nemen om ons naar een hotel te brengen. Na veel heen en weer getrek, maken we een afspraak met een driver die ons voor 20.000 roepies ( € 1,60), naar een ATM automaat en daarna naar een hotel brengt. Nadat we gepint hebben, begint de driver te zeuren over hoeveel we hem gaan betalen, wij houden ons natuurlijk aan de 20.000 roepies die we hebben afgesproken. Maar hij blijft zeuren over dat het zo ver is en dat het wel 200.000 roepies waard is, nadat we hem weer hebben laten weten dat we niet meer betalen dan de afgesproken prijs, zegt hij opeens dat het p.p is. Jaja en gij gelooft dat, mooi niet natuurlijk. Als we bij het hotel aankomen, blijkt dat men daar ons grote geld niet kunnen wisselen, waarschijnlijk is dit allemaal doorgestoken kaart, uiteindelijk betalen we de driver 50.000 RP, om de doodeenvoudige reden dat we ons geld niet in kleinere coupures kunnen wisselen. Natuurlijk voelen we ons opgelicht, het is niet veel geld, maar het idee dat het toch weer gebeurd, ondanks al onze reiservaringen. Het reizen zonder de Tierelier is toch wel heel anders, merken we, je wordt aan alle kanten belaagd door mensen die iets van je willen en daar hebben we in de Tierelier veel minder last van.

Na een laat diner, drinken we nog ergens een biertje en zoeken dan ons bed op, we zijn doodmoe van deze inspannende dag.

P1050572 [1024x768]P1050546 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Zondag 17 oktober Medan

Na een goede nachtrust kunnen we er weer tegen, omdat er geen taxi's rijden richting Medan, zijn we genoodzaakt om de bus te nemen. Op zich al een hele belevenis, de bus heeft plaats voor 11 passagiers, maar op een gegeven moment zaten we er met 18 man, plus de chauffeur in. De wegen zijn smal, zeer druk en er wordt overal ingehaald, ook op plaatsen waar het niet kan, de brommers schieten overal door en langs, soms met gevaar voor eigen leven.

Na een zeer vermoeiende reis van meer dan 4 uur komen we eindelijk aan in Medan. We vinden een “hotel”, wat achteraf niets blijkt te zijn, de hele avond draait er een groot aggregaat, dat zoveel herrie produceert, zodat we moeten schreeuwen om elkaar te verstaan. De daarbij behorende stank van het apparaat is niet te harden, als er gevraagd wordt of dat ding uit kan, blijkt dat niet te kunnen ze hebben geen stroom, is het antwoord. Wel vreemd de buren hebben gewoon stroom en zij niet??, zeker de rekening niet betaald. Als ik vraag om handdoeken, krijg ik er één, maar we zijn toch echt met zijn tweeën en willen 2 handdoeken. Na lang aandringen krijg ik eindelijk mijn 2e handdoek, waarschijnlijk uit de privé voorraad van de eigenaar.

Opeens wordt het heel stil en donker, het aggregaat is uitgevallen, de benzine is op en er is geen voorraad, zo stapt de medewerkster op haar brommer en gaat benzine halen. Na een half uur komt ze eindelijk terug en ze proberen dat ding te starten, helaas zonder resultaat, ze zijn nog zeker een uur aan het prutsen voordat hij werkt. Als dan eindelijk het licht weer aangaat gaan wij gauw naar boven, zodat we veilig op onze kamer zijn voordat het licht het weer laat afweten. En dat gebeurd als we net in bed liggen, helaas werkt de airco ook niet zonder stroom, het wordt een warme benauwde nacht.P1050568 [1024x768]P1050553 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Maandag 18 t/m dinsdag 19 oktober Parapat

 

Als we beneden komen staat dat aggregaat weer in alle hevigheid te brullen, als dan ook nog blijkt dat er geen filterkoffie wordt geschonken, is voor ons de maat vol. We pakken onze spullen en zoeken een hotel waar we een goed ontbijt kunnen krijgen met echte koffie. Hier is het andere koek, we krijgen een heerlijk ontbijt en men helpt ons met het zoeken naar een huurauto, maar het blijkt dat we geen auto kunnen huren in Medan. We besluiten met een taxi naar het Toba meer te gaan, de receptie belt voor ons het taxibedrijf en wij mogen in de lobby wachten tot we worden opgehaald. Ondertussen mogen we van het internet gebruik maken, zodat we onze mail kunnen ophalen, wat een luxe allemaal.

We worden keurig op tijd opgehaald, het is een SUF met plaats voor 8 personen, gelukkig houdt men zich aan dit aantal. Na een wat comfortabelere rit als gister, komen we na 4 uur rijden in Parapat aan. Natuurlijk worden we weer belaagd door allerlei mensen die aan ons willen verdienen, maar we zijn de laatste dagen wel wat wijzer geworden. We zoeken gewoon zelf ons hotel en vinden er één met een grandioos uitzicht over het Toba lake.

Het Toba meer heeft een oppervlakte van 2100 km² en een diepte van 450 meter, het is een kratermeer en het ligt op 900 meter boven de zeespiegel, waardoor het heerlijk koel toeven is. Als je aan de oever van het meer staat zie je veel vissen in het kraak heldere water. Het water zelf is lekker fris, een heerlijke temperatuur om te zwemmen. Het eiland Samosir, wat midden in het meer ligt, is groot, bijna net zo groot als Singapore, je zou er dagen kunnen wandelen.

De volgende dag nemen we de boot naar het eiland, waar we het plaatsje Tuk Tuk bezoeken. Het is een toeristisch dorp met hotels en restaurants en souvenirwinkels, maar als wij er lopen is het uitgestorven, het is duidelijk geen seizoen. We eten ergens een heerlijke saté, met voortreffelijke satésaus, zo één die je alleen bij de Indiërs kan verwachten echt zalig.

PICT0507 [1024x768]PICT0505 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 


 



Als we de boot terug nemen betalen we opeens de helft ten opzichte van de heenreis, het is niet veel € 1,60. Maar het idee om telkens weer opgelicht te worden gaat ons behoorlijk tegenstaan, we zullen nog beter op moeten letten.

P1050566 [1024x768]P1050565 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Woensdag 20 oktober Medan

Het plan is om nog een dagje te blijven en te genieten van de mooie omgeving. Er is dit weekend ook een festival wat vandaag al begint, het lijkt ons leuk om dat te bezoeken. Helaas strooit het hotel roet in onze plannen, alle kamers zijn bezet en we moeten vertrekken, het is niet anders. We laten een taxi komen en voor we het weten zijn we weer op weg terug naar Medan.

We gaan terug naar Medan, omdat we via internet een autoverhuurbedrijf hebben gevonden en gaan daar alsnog proberen een auto te huren.

De reis van 4 uur gaat vlotjes, het is erg druk op de weg en soms zijn er gevaarlijke situaties, maar we komen heelhuids aan in Medan. Natuurlijk nemen we niet meer het hotel van 2 dagen geleden maar één wat er dichtbij ligt. Het is er heerlijk toeven, zonder stroomuitval en lawaaiige aggregaten.

Het is Paul gelukt om een auto te huren via internet we kunnen hem morgen op komen halen, het zal ons benieuwen.

PICT0548 [1024x768]

Donderdag 21 oktober Pangkalan Brandan,

Na het ontbijt, brengt een auto van het hotel ons naar de luchthaven, waar het kantoor is van het autoverhuurbedrijf. Eenmaal op de luchthaven, kunnen we het hele verhuurbedrijf niet vinden, zelfs de toerist-infomatie kan ons niet helpen. Gelukkig hebben we nog een adres in de stad en we laten ons door een taxi daarheen brengen, maar helaas de taxichauffeur kan het adres niet vinden. Ten einde raad stappen we maar uit de taxi en gaan zelf op zoek, we zijn dicht in de buurt dat weten we. Maar ook wij kunnen het niet vinden, we staan zelfs voor de deur en niemand kent het autoverhuurbedrijf en we worden weer doorgestuurd. Het wordt een eindeloze zoektocht, de één zegt links, de ander weer rechts, rechtdoor of zelfs terug. Bij een klein bedrijfje doet men alle moeite om ons verder te helpen, personeel wordt op de brommer weggestuurd om het adres te vinden, maar ook zij vinden het niet. We proberen te bellen maar krijgen de voicemail, dat schiet dus ook niet echt op. De verlossing komt als we een sms krijgen van het verhuurbedrijf, met de vraag waar we zijn, ze staan op het vliegveld op ons te wachten. Juned, de man die zo behulpzaam is, belt meteen terug en zorgt dat ze naar ons toekomen om ons te halen. Het enige wat we moeten doen is zitten en afwachten tot ze komen, na ruim een half uur komt dan eindelijk de auto aanrijden die we gehuurd hebben. We rijden naar het kantoor en komen tot de conclusie dat we daar naar de weg hebben gevraagd en niemand wist van het bedrijf, zelfs het adres was onbekend. Er worden fotokopiëen van ons paspoort gemaakt, Paul wijst naar zijn zak dat hij een rijbewijs heeft, wat zonder controle geaccepteerd wordt. We betalen, krijgen de sleutels en kunnen eindelijk de stad uitrijden.

Het verkeer is chaotisch en het duurt een poosje voor we daadwerkelijk de stad uitrijden. Maar het blijft druk, de verkeerssituaties zijn soms levensgevaarlijk, om half vier stoppen we en zoeken een hotel, een paar jongens rijden ons een klein stukje vooruit, om de weg naar het hotel te wijzen. Een beetje jammer dat ze daar geld voor willen zien, we weigeren dan ook lachend, zo van je maakt zeker een grapje voor die kleine moeite geld te vragen. Een beetje lacherig druipen ze af, ach je kan het altijd proberen toch.

We wandelen naar het dorp, je merkt meteen dat in dit gedeelte van Sumatra geen toeristen komen. We worden bijna door iedereen aangegaapt en nagekeken, soms rennen ze de huizen in om daar mensen te waarschuwen dat wij eraan komen. Kinderen zwaaien en zijn dol enthousiast, ze steken een drukke straat over, alleen maar om bij ons in de buurt te komen. Op een rotonde staan een stel jongens, met lerenjacks aan, piercing in de lippen en wenkbrauwen, zwarte nagellak en ga zo maar door, zijn dat geen punkers? Ze beginnen te roepen en vinden het prachtig dat we naar hun zwaaien en te lachen, als ik vraag of ik een foto van ze mag maken reageren ze enthousiast. Opeens komen er nog meer jongens van alle kanten aanstormen en poseren vrolijk voor de foto. Geweldig wat een ervaring.

PICT0564 [1024x768]

P1050595 [800x600]

 

 

 

 

 

 

 

 

 





Vrijdag 22 oktober Sigli

We rijden de hele dag door een zeer saaie omgeving. De oostkust heeft voor ons weinig te bieden, of is het misschien dat we een beetje verwend zijn en al zo veel moois hebben gezien. Het zijn rijst en maïsvelden, waar we langs rijden en de armoede is in dit gedeelte van Sumatra behoorlijk aanwezig. Er zijn veel kleine kinderen die geen kleren aan hebben, de wat oudere, vanaf een jaar of 5, dragen somber gekleurde schooluniformen. De meisjes hebben allemaal een Khimar, dit is een grote sjaal, die hun hoofd, nek en schouders bedekken, dit wordt met een band om het hoofd vastgezet. De meeste kinderen zien er moe en verdrietig uit, alsof ze de moed in het leven al op deze jonge leeftijd hebben opgegeven. Het is allemaal een trieste aanblik.

PICT0628 [1024x768]

Zaterdag 23 oktober Meulabohi

We rijden helemaal tot aan het noordelijkste puntje van Sumatra, Banda Atjeh, hier heeft de tsunami in 2004, heel veel schade aangericht. Nog steeds is de schade niet helemaal hersteld, er zijn wel veel nieuwe huisjes neergezet, die anders dan in India, hier wel worden bewoond, ze zien er degelijk uit en kunnen tegen een stootje. De wegen zijn tot de westkust goed, maar daarna is het één grintbak, er wordt wel aan verbetering gewerkt, sommige stukken zijn al klaar en zijn dan mooie brede tweebaanswegen. Maar het zal nog wel een paar jaar duren voordat er hier een mooie weg ligt.

Er zijn veel bruggen weggeslagen door de tsunami, die nog niet hersteld zijn, er is dan een wegomlegging, die soms kilometers om kan zijn. Maar je kan ook soms via een pont, dat merken we als we een afslag hebben gemist. We rijden via twee planken de pont op en na een korte vaart weer over 2 planken af. De weg hierna is verschrikkelijk, de gemiddelde snelheid loopt terug naar 5 km per uur. We rijden in de middle of no ware, maar na een paar uur komen we dan toch weer op een “normale” weg en rijden langs de prachtige kust van de Indische Oceaan. Het is jammer dat er hier met deze mooie kust niets aan toerisme wordt gedaan, alles is voor handen, super schoon zeewater, prachtige hoge golven, mooie zandstranden en vooral rust. Alleen de weg moet verbeterd worden, maar daar zijn ze hard meer bezig, toch is er langs de hele kustlijn geen hotel te vinden. Er zou hier veel geld te verdienen zijn, maar de kans wordt duidelijk niet aangegrepen.

Omdat er nergens een hotel te vinden is, moeten we tot 6 uur doorrijden voor we er eindelijk één gevonden hebben. Als ik (Marita) wil inchecken wil de man ons eigenlijk alleen maar 2 kamers verhuren, omdat hij het raar vind dat ik alles regel en niet Paul. Na enig aandringen gaat hij akkoord met één kamer en mogen we samen slapen, het valt mij mee dat hij niet om een trouwboekje vraagt.

PICT0615 [1024x768]PICT0596 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Zondag 24 oktober Sumbul

Maar weer vroeg op pad, de wegen zijn redelijk maar smal, als er een vrachtwagen als tegenligger aankomt moet je behoorlijk in de berm duiken, zo smal zijn de wegen. Wat dat betreft zijn we blij dat we niet met de Tierelier rijden, maar we missen hem wel.

Al een paar dagen maken de remmen een raar geluid, het wordt steeds erger dus we besluiten een garage op te zoeken. De remschijven blijken versleten en er worden, na toestemming van het verhuurbedrijf, nieuwe opgezet. Na betaling van 200.000,-- Roepies (€ 16,--) rijden we na een klein uurtje weer verder.

Het natuurpark Gunung Leuser, waar we heen willen zou nog een uurtje rijden zijn, wat ook inderdaad klopt. Als we er aankomen blijkt de ingang bij Bukit Lawang, een paar honderd kilometer het binnenland in. Nou dat gaan we niet doen, we laten het park voor wat het is en rijden maar richting het Tobameer, waar we vorige week ook al waren.

Ook vandaag moeten we lang zoeken voor we een hotel tegen komen, het is al bijna donker als we er één vinden, we krijgen een VIP room, het ziet er op het eerste gezicht, allemaal netjes uit. Later blijkt dat het water bij de wastafel op is en moeten we het bad vol laten lopen met koud water, om met dat water onze tanden poetsen en de wc door te spoelen met een bakje. Ook blijken er grote kakkerlakken rond te lopen, we spuiten flink zodat alle ongedierte het loodje legt en we rustig kunnen gaan slapen.

PICT0643 [1024x768]PICT0638 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Maandag 25 t/m donderdag 28 oktober Tuk Tuk (Toba Lake)

Het laatste stuk naar Tuk Tuk is een prachtige route, we komen uit de bergen en kijken op het prachtige meer neer, het is een spectaculair uitzicht. We nemen onze intrek in het Carolina Hotel, wat direct aan het meer ligt, we kunnen er zwemmen en hebben vanuit onze kamer een mooi uitzicht, hier houden we het wel even uit. Verder doen we niet zo veel, we eten heerlijke saté bij Cotney en genieten van deze prachtige omgeving. Eigenlijk willen we woensdag weer doorrijden, maar het is hier zo mooi en rustig dat we er nog maar een dagje aan vastplakken. Ondertussen hebben we, via internet, voor zaterdag een vlucht geboekt naar Jakarta.

PICT0655 [1024x768]PICT0654 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

P1050618 [1024x768]P1050621 [1024x768]

P1050661 [1024x768]P1050668 [1024x768]

PICT0664 [1024x768]

Vrijdag 29 oktober Medan

We nemen de boot terug naar het vasteland, we varen in een klein uur daarheen en rijden daarna ruim 4 uur over een zeer drukke weg naar Medan. Onderweg zien we nog een ongelukje gebeuren, een brommer rijdt zonder te kijken, naar de andere weghelft en komt in aanraking met een tegenligger. Stukken van de brommer vliegen in het rond, de jongen staat op, zijn been is geblesseerd door de klap en hij loopt duidelijk mank. De jongen sleept met moeite zijn brommer naar de kant en iedereen rijdt, zonder verder te kijken door. Zelfs de tegenligger, die niet eens naar zijn eigen schade is gaan kijken, laat staan naar de jongen.

Medan is geen bijzondere stad, het is er druk en erg vuil met open riolen wat de nodige stank veroorzaakt. De trottoirs zijn bijna ontoegankelijk voor voetgangers, hele stukken beton zijn verdwenen. Je moet goed oppassen waar je loopt, anders verdwijn je, voor dat je het weet in het riool, wat door de hele stad onder de trottoirs ligt.

Onze huurauto wordt bij het hotel opgehaald en we krijgen keurig de gemaakte kosten voor de remchijven terug, netjes geregeld.

P1050691 [1024x768]P1050730 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Zaterdag 30 t/m zondag 31 oktober Jakarta

Om 14.00 uur verlaten we Sumatra, om 2 uur later op Jakarta te landen. Weer worden we belaagd door allerlei taxichauffeurs die ons graag als klant willen. Natuurlijk zijn we wel wat wijzer en gaan naar een taxiloket en bestellen zo een goede taxi die met een vasttarief werkt.

Jakarta is een zeer drukke stad, op zondag doen we wat aan sightseeing, bezoeken een winkelcentrum en verder vinden we er niet zo veel aan, we zijn nu eenmaal geen stadsmensen, geef ons maar de mooie rustige natuur.

PICT0758 [1024x768]PICT0815 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Maandag 1 november Bogor

We nemen de trein naar Bogor, wat ongeveer een uur reizen is. Als we op het perron staan zien we een trein die helemaal volgeladen is met mensen, ze hangen er half uit en zitten zelfs bovenop de trein. Dit zijn de meest goedkope treinen, en volgens ons wordt er weinig gecontroleerd, gelukkig hoeven wij daar niet in. Wij hebben de express, waar we wel een uur op moeten wachten, maar dat mag de pret niet drukken, er is genoeg te zien. De treinreis zelf is aangenaam rustig, bijna elke reiziger in de trein slaapt.

P1050751 [1024x768]P1050750 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Eenmaal aangekomen in Boger worden we natuurlijk weer aangesproken, ditmaal door mensen van het toeristoffice. Natuurlijk bieden ze ons een reisje aan, het klinkt allemaal redelijk, we besluiten niet meteen en we worden keurig naar ons hotel gebracht.

Bogor is een aardig plaatsje, ons hotel ligt dicht bij een markt waar het verkeer dwars doorheen moet, wat natuurlijk weer de nodige opstoppingen veroorzaakt. We bezoeken de Botanischetuin, waar de boekjes vol lof over schrijven, maar het valt ons een beetje tegen het lijkt wel een beetje op een mooi aangelegd park, maar verder valt er niets speciaals te zien.

P1050764 [1024x768]P1050760 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 




We besluiten om op het aanbod van vanmorgen in te gaan en een tour van 2 dagen te maken, morgen m 9 uur vertrekken we.

P1050806 [1024x768]

Dinsdag 2 en woensdag 3 november.

Precies om 9 uur vertrekken we samen met nog één medereiziger, een gids en een auto met chauffeur. We bezoeken nog in Bogor een bedrijf dat traditionele poppen maakt. Er staan ook muziek instrumenten en voor we het weten doet Paul mee aan een snel ingestudeerd muziekstukje, het klinkt allemaal best aardig. We rijden een natuurpark in en bezoeken rijstvelden, ananas plantages en gaan dwars door de meest traditionele dorpjes. Na de lunch, het is intussen gaan regenen, bezoeken we een mooie waterval, waar we in kunnen zwemmen, als het niet zo koud is. Daarna bezoeken we een heetwaterbron, waar we wel een duik in nemen, het water komt met bakken uit de hemel en wij liggen heerlijk warm in een soort stoombad, wel weer heel bijzonder.

PICT0738 [1024x768]PICT0736 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 




Het onderkomen is gewoonweg minimaal te noemen, een paar matrassen op de grond één deken, geen handdoeken of lakens, het lijkt op een matrassen-lager in de bergen van Europa. De toiletten daar kom je liever niet dan wel, je moet daar echter ook je tandenpoetsen, we doen dat maar even buiten, wel zo fris. Op het eten hebben ze erg hun best gedaan het is zeer uitgebreid en lekker.

P1050901 [1024x768]P1050902 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 




De volgende morgen worden we al om 4 uur gewekt door het gezang van de imam, die weer graag wil dat iedereen gaat bidden. Om 6.30 uur wordt dat nog eens overgedaan, waarna één kind een uur lang een monotoon klaaglied zingt, het zal wel een eer zijn dat hij dat mag. Hierna is de school aan de beurt, je hoort de schooljuf de kinderen door de luidsprekers lesgeven, nou het gaat er echt wel even wat anders aan toe dan bij ons in Nederland. Het is één dreun, soms zeggen de kinderen in koor iets na, daarna hoor je de juf weer een lang betoog houden, als wij om 9 uur wegrijden is het “lesgeven” nog in volle gang.

We bezoeken een theeplantage en drinken ergens kokosmelk, waar wij niet erg dol op zijn. We bezoeken een brug waar veel vissers zouden zijn die hun netten hier uitwerpen, maar er is geen visser te zien, die hadden pauze volgens de gids. Verder zitten we veel in de auto, een drukke weg met veel files. Bij stoplichten staan veel verkopers je kan dan van alles kopen, eten, drinken, de krant, er wordt ook veel “muziek” gespeeld met de daarbij behorende zang. Er zijn ook veel bedelaars die ook een graantje mee willen pikken, het meest bizarre is, dat er een vrouw midden op een zeer drukke kruising zit, ze heeft geen benen, haar man of broer staat achter haar om het verkeer om haar heen te laten rijden.

Om 5 uur komen we in ons hotel in Bandung aan. Het is een wereld van verschil met ons “hotel” van afgelopen nacht.

PICT0827 [1024x768]PICT0774 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Donderdag 4 t/m vrijdag 5 november Bandung.

Helaas wordt ik in de loop van de nacht ziek en lig vervolgens 3 dagen met een zware kou in bed. De wandeling naar de waterval heeft mij de das omgedaan, drijfnat ergens gaan zitten met een koude wind om je heen is vragen om ziek te worden. We hebben voor 2 nachten geboekt, maar het worden er uiteindelijk 3, omdat ik mij gewoon te ziek voel om ook maar iets te doen.

PICT0920 [1024x768]PICT0905 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Zaterdag 6 november Kebumen

De trein naar Kebumen gaat maar een paar keer per dag, we moeten wachten tot half vier voordat de trein eindelijk vertrekt. We zitten zeer luxe en heel comfortabel, het moet een mooie route zijn, maar het wordt al om 6 uur donker dus we zien er niet veel van.

Om half elf komen we dan in Kebumen aan, de trein is te ver doorgereden, waardoor er geen perron is en we een enorm hoge sprong moeten maken om uit de trein te kunnen verlaten. Als we het perron oplopen, lijkt het wel of we op de maan terecht zijn gekomen, alles zit dik onder het stof, oftewel vulkaanas!!! We laten ons door een riksja naar ons hotel brengen, het ziet er allemaal best netjes uit, alleen alles zit onder het as en daar kan niemand wat aan doen.

P1050938 [1024x768]P1050935 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Zondag 7 t/m dinsdag 9 november Yogyakarta

Om kwart voor zeven wordt ik wakker van een zacht getik op de deur, nadat ik het nog een paar keer gehoord heb, besluit ik de deur maar eens open te doen. Staan er 2 jongens voor de deur met ons “ontbijt”, helemaal verbouwereerd neem ik het aan, het is rijst met wat onbeduidendst en een klein kippenpootje. Hier zijn we niet blij mee, we eten wat en pakken alles maar weer in om verder te gaan.

PICT0925 [1024x768]PICT0921 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 




We zitten 200 kilometer van de Merapi vulkaan, maar de wind heeft het vulkaanas helemaal tot hier geblazen. De lucht is zo vervuild van het vulkaanas, dat we genoodzaakt zijn om een mondmasker te kopen en te dragen!! De mensen proberen het stof, door met water de weg nat te houden, te bestrijden maar het is onbegonnen werk, zodra er maar enige beweging is stuift alles weer op. Het is een troosteloze situatie en het gaat lang duren voordat alles hier weer asvrij zal zijn. Gelukkig kunnen wij weer verder reizen, maar als bewoner van deze plaats ben je er maar klaar mee, wat een ellende.

PICT0918 [1024x768]PICT0915 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 




De trein gaat pas om 2 uur, we hebben uren de tijd om het stadje te verkennen, je merkt meteen dat we in een wat kleiner stadje zijn, alles gaat er veel rustiger aan toe dan in de grote stad. We lopen een kippenmarkt op, hier worden kippen verhandeld en eventueel klaar gemaakt voor transport naar plaatsen in heel Java. Het is geweldig om hier te lopen de mensen vinden het prachtig dat wij er zijn en willen allemaal op de foto, hier komen duidelijk weinig toeristen en nu al helemaal niet. Ik koop voor 8 cent, een handgemaakte “tas”, van gevlochten bananenbladeren, deze wordt officieel gebruikt om de kippen in te vervoeren het is echt een kunstwerk.

PICT0952 [1024x768]PICT0932 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 




Vlak bij het station wordt er een wedstrijd gehouden met vogels, er staan tientallen vogelkooien, met de mooiste vogels erin. Allemaal afgedekt, totdat ze worden afgeroepen, dan worden de kooien in een soort arena opgehangen en mogen de vogels gaan zingen. Dit gebeurd onder luid geroep, gefluit en geklap van de eigenaar, het is zoveel herrie, dat je de vogels bijna niet meer hoort. De juryleden staan onder de kooien en luisteren aandachtig toe en geven, na beoordeling, een gekleurd vlaggetje aan de vogel die door mag naar de volgende ronde. Het is een groot spektakel en zeker leuk om dit mee te maken.

PICT0967 [1024x768]PICT0976 [1024x768]

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Na een uurtje treinen komen we in Yogyakarta aan, hier is de vulkaanas veel minder, ondanks dat we dichter bij de vulkaan zitten. We hebben niet zoveel te zoeken in Yogyakarta, de Borobudur, een groot tempel complex, is gesloten, door de uitbarsting van de vulkaan, er schijnt daar 10 tot 20 cm as te liggen. Het is een ramp, de toeristen blijven weg, waardoor hotels bijna leeg staan, terwijl Indonesië deze bron van inkomsten zo hard nodig heeft. Als alternatief bezoeken we het Sultan Palace, het ziet er allemaal mooi uit, maar niet echt bijzonder, natuurlijk zit alles onder het stof en ziet het er hierdoor erg somber uit.

Woensdag 10 november Surabaya

Om 2 uur vertrekt de trein naar Surabaya, een reis van meer dan 5 uur. We bezoeken nog een winkelcentrum, boeken via internet een hotel en eten ergens wat voordat de trein vertrekt.

Tegen zevenen arriveren we in Sumatra, nemen een taxi en laten ons verrassen door ons hotel. Onze kamer blijkt geupgrade, degene waar we voor geboekt hebben was de douche stuk. Nu hebben we beschikking over 2 badkamers, 4 bedden en een lekkere bank, mooi uitzicht over de stad, wat willen we meer?? We hebben geboekt voor 5 nachten en zullen ons wel vermaken.

PICT1002 [1024x768]PICT0985 [1024x768]